Het aftappen van de internetverbinding van burgers is voor opsporingsinstanties geen sinecure. Wie de juiste diensten inzet voor communicatie kan zich relatief aan de opsporing onttrekken.

Deskundigen van Stratix Consultancy schreven op verzoek van Economische Zaken het rapport “Grenzen aan de aftapbaarheid?”. Zij komen tot de slotsom dat het afluisteren van de verbinding zelf onvoldoende is en dat het niet mogelijk is alle communicatie goed af te luisteren. Het grootste probleem is dat veel data versleuteld over internet gaat en dus niet te interpreteren is. Op zich is het mogelijk om e-mail bij de provider ook te tappen, maar internetters gebruiken steeds vaker webmaildiensten, zoals Gmail. In dat geval heeft de dienstverlener een server in Nederland om af te kunnen tappen. Vaak is dat niet zo, zoals bij Yahoo en Microsoft Live (hotmail). Berichten kunnen ook via diensten als Twitter, Hyves, Facebook of Linked-In uitgewisseld worden en zijn niet altijd af te tappen.

Bellen via internet Volgens de onderzoekers is het afluisteren van mobiele en traditionele telefonie goed ingeregeld. Datzelfde geldt voor internetbellen via telefonie- of internetproviders. Minder rooskleurig voor de opsporing is losse internettelefonie, die vaak vanuit het buitenland aangeboden worden. Veel diensten, zoals Skype, versleutelen het gesprek standaard van begin tot eind. Afluisteren is dan heel lastig. Andere technische mogelijkheden faciliteren communicatie via chat-diensten of via games in spelcomputers. Steeds vaker spelen centrale servers daar geen rol. De informatieuitwisseling gaat dan rechtstreeks van deelnemer naar deelnemer.

Juridische beperkingen In een aantal gevallen werpen de rapportschrijvers de vraag op of het juridisch wel mogelijk is een tapplicht op te leggen. Zo wijzen ze erop dat een cafehouder die internet als service naar de klanten biedt niet onder de regelgeving valt. Criminelen die tijdens het nuttigen van een consumptie internetten zijn dan nagenoeg niet af luisteren. Het advies is dan ook de regels aan te scherpen, maar de onderzoekers erkennen dat dit de problemen slechts gedeeltelijk kan verhelpen.

Kamervragen Voor de Socialistische Partij is het tijd om opheldering te vragen. “Ik wil nu dat dit rapport openbaar naar de Tweede Kamer komt en ik wil een reactie op dit bericht”, zegt kamerlid Arda Gerkens tegenover NU.nl. “Je kunt je afvragen in hoeverre tappen nog een zinvol opsporingsmiddel is. Het moet duidelijk worden wat het oplevert. Of hebben we zoveel domme boeven in Nederland?” Gerkens wil op basis van harde cijfers meer duidelijkheid over de cijfers krijgen. Eerder wist ze via een motie al af te dwingen dat minister Ernst Hirsch Ballin (Justitie en Binnenlandse Zaken) onderzoek naar de effectiviteit doet. In ons land worden jaarlijks ruim 26.000 telefoontaps geplaatst en een onbekend aantal internettaps geplaatst. Op basis van cijfers van een samenwerkingsorgaan is duidelijk dat internet enkele duizenden keren wordt afgeluisterd.

Verandering Voor de digitale burgerrechten beweging Bits of Freedom is het tijd voor verandering. “Het Nederlandse aftapbeleid moet drastisch op de schop en dit geheime rapport levert het zoveelste bewijs”, verzucht directeur Ot van Daalen. Hij hoopt dat justitie snel komt met het onderzoek naar de effectiviteit van tappen. “Zware criminelen weten een telecomtap kinderlijk eenvoudig te omzeilen en ondertussen worden Nederlanders vaker afgeluisterd dan welke Westerse bevolking dan ook.”